Welkom op www.brusjes.nl Spring verder naar de inhoud
A A A

Diabetes21 november 2007

Wat is er met mijn broertje/zusje aan de hand?

Bron: www.dvn.nl

Diabetes, wat is dat?

Diabetes is een stofwisselingsziekte. Dit betekent dat er een stofje in je lichaam niet aangemaakt wordt. Er wordt in je alvleesklier (een orgaan achter je lever) geen insuline meer gemaakt. Een mens kan helaas niet zonder insuline. Insuline werkt als een sleuteltje. Dat sleuteltje maakt de cellen in je lichaam open om suiker (glucose) uit je voeding in die cellen te laten opnemen. Glucose is namelijk onze brandstof. Zoals een auto op benzine rijdt, functioneren wij op glucose uit ons eten. Het lichaam is opgebouwd uit allemaal cellen, waar die glucose naartoe moet.

Als je diabetes hebt en geen insuline meer aanmaakt, krijg je geen glucose meer binnen in je cellen. Die glucose blijft in de bloedbaan rondgaan.De nieren zeven het eruit, zodat je het uitplast. Al die uitgeplaste suikers zorgen ervoor dat je afvalt, en moe en futloos wordt. Het lichaam gaat dan zoeken naar een andere energiebron (een ander soort benzine). Je gaat je vetten (je reserves) verbranden, en daarbij komen stoffen vrij waar je erg ziek van wordt. Om je beter te voelen, moet je nu insuline toegediend krijgen. Dit kan niet met een pilletje, want dat wordt verteerd in de maag, en komt niet in de cellen terecht. Daarom moet insuline altijd ingespoten worden. Ook krijg je dan een 'metertje' waarmee je (met een druppel bloed uit een vingerprik) kan meten hoe hoog je bloedglucose is.

Hoe komt het?

Het is niet helemaal bekend hoe het komt dat de één wel diabetes krijgt en de ander niet. Wel is bekend dat het komt doordat de eigen lichaamscellen de Bètacellen in de eilandjes van Langerhans kapot maken. Dit gebeurt allemaal in de alvleesklier. In die Bètacellen wordt normaal insuline aangemaakt. Nu dat dus niet meer gebeurt, word je ziek.

Gaat het over?

Je hebt altijd insuline nodig om energie (suiker / glucose) in je lichaam op te kunnen nemen. Het lichaam maakt dat nu niet meer zelf aan. Je zult altijd insuline moeten spuiten. Diabets gaat dus niet over.

Wat zijn de belangrijkste kenmerken?

Als je eenmaal diabetes hebt en insuline moet spuiten kan je bloedglucose ook te hoog of te laag worden. Te laag noemen we een hypoglycaemie (hypo). Je gaat dan bibberen en zweten en je kunt heel wit worden en honger krijgen. Dan moet je snel in je vinger prikken en meten of je ècht te laag zit. Dan heb je extra suiker nodig, het liefst in de vorm van een glas limonade, of druivensuikersnoepjes.

Een te hoge bloedglucose noemen we een hyperglycaemie (hyper). De symptomen zijn dan: moeheid, lusteloosheid, dorst, veel plassen en je kunt ook heel chagrijnig worden. Op dat moment heb je te weinig insuline in je lichaam, en moet je wat bijspuiten.

Gedraagt iemand met diabetes zich anders?

Als je bloedglucoses goed geregeld zijn, zal iemand met diabetes zich niet anders gedragen. Je kunt ook niet aan de buitenkant zien of iemand diabetes heeft. Pas als je ziet dat hij of zij spuit op school of ergens anders, dan valt het op. Maar dit is zeker niet iets om je voor te schamen. Het is juist goed als de mensen en kinderen in de omgeving weten dat iemand diabetes heeft. Als iemand 'ontregeld' is, en veel hoge waardes (hyper) heeft, dan kan hij of zij vaak chagrijnig en nukkig zijn. Dat kan echt door de diabetes komen. Of als je te laag zit (hypo), en je hebt het zelf niet in de gaten, dan kan je 'raar' gaan doen. Bijvoorbeeld, moeilijker praten, zwabberen op je benen en met je ogen draaien, of opeens heel agressief worden. Je hebt dan heel snel suiker nodig, anders kun je flauwvallen. Gelukkig voelen de meeste kinderen het zelf op tijd aan, en nemen een glas limonade of druivensuiker, waarna ze snel weer opknappen. Kinderen met diabetes kunnen ook niet zomaar altijd alles eten. Ze moeten precies weten hoeveel glucose er in een snoepje of koek of een maaltijd zit. Ze leren dan ook hoeveel ze ergens van mogen eten en wanneer. Dat leren ze van een diëtiste. Er is in principe niets verboden, maar een hele zak snoep leeg eten is niet verstandig.

Hoe ga je het beste om met iemand met diabetes?

Normaal! Het is goed dat je interesse toont en weet wat er met iemand aan de hand is. Je kunt dan ook helpen als je ziet dat iemand te hoog of juist te laag zit met zijn bloedglucosewaarde.

En vraag het aan de persoon zelf: misschien heeft iemand zelf wel een goeie tip over hoe hij of zij wil dat je met hem of haar om gaat.

Download hier de informatiekaart over diabetes

Contact - Disclaimer © Copyright 2005 IXP internet solutions.